Translations
Statistieken
  • 10973Totaal aantal bezoekers:
  • 1Bezoekers vandaag:
  • 8Bezoekers gisteren:
  • 47Bezoekers vorige week:
  • 87Bezoekers per maand:
  • 7Bezoekers per dag:
  • 0Bezoekers op dit moment online:

Pierre Paulssen en zoon, Roosteren

in 2006 absolute uitblinkers op de grote fond

De hoofdpersonen van deze reportage zijn vader Pierre, moeder Lies en zoon André Paulssen in het Limburgse Roosteren. Aan de noordkant van het dorp alwaar het buitengebied  begint woont de familie Paulssen en ze zitten daar ingeklemd tussen twee lange en bekende wateraders. Op hun achtererf staande ziet men zo’n 500 meter verder een hoge dijk liggen waarachter het Julianakanaal stroomt. Voor het woonhuis stroomt een aantal honderden meters verder in een diepe bedding de ‘natuurlijke’ Maas. Het Julianakanaal vormt van Maastricht tot Maasbracht een strakke rechte lijn terwijl de Maas tussen de twee dezelfde  plaatsen knap kronkelend zijn weg zoekt. Het water van het Julianakanaal ligt hoger dan het omliggende land terwijl het Maaswater flink wat meters dieper ligt. De duiven van de familie Paulssen kunnen dat bij hun toertjes boven de hokken vanuit de lucht allemaal goed bekijken.

In het verleden heeft de familie Paulssen reeds eerder volop in de schijnwerpers gestaan en toen kon er gerust over ‘gouden’ jaren gesproken worden. Dit jaar is het precies 20 jaar geleden dat Pierre en André Paulssen nationaal Dax wisten te winnen en dat was in 1986. En die nationale zege was geen toevalstreffer want over de hele linie was men in de jaren geweldig op dreef. Kopvliegers had men en hoge prijspercentages scoorden men. De grote fond was men vanaf 1980 geleidelijk gaan spelen en de eigen duiven bleken dat (ook) wonderlijk goed aan te kunnen. In de goede fondvliegers van die jaren zat programmasoort van Tuurke Lambrechts uit het Belgische Assenede (aan de grens bij Zeeuws-Vlaanderen). Het fondsoort kwam van twee bronnen en wel van plaatsgenoot Albert Simons en van Gijs (van) Dolleweerd uit Oss. In 1971 kwam Albert Simons vanuit Maaseik aan de andere kant van de Maas in Roosteren wonen. En veel fondsuccessen zou hij daar behalen met  nakomelingen  van de zonen van het ‘Oud Doffertje’ van A. v.d. Wegen en zn. Die zonen waren van 1971 en het ‘Oud Doffertje’ zelf was van 1958. Albert Simons won Perpignan in 1981, Barcelona in 1982, de Nationale Marathon in 1985 en Marseille in 1987. Vanaf 1979 is men ook jaren bij Gijs Dolleweerd in Oss  over de vloer gekomen en over zijn duiven en soort zegt Pierre Paulssen nu:”Dat waren goeie duiven!” En ook Gijs Dolleweerd staat genoteerd bij de winnaars van de Nationale Marathon en hij deed dat in 1987.

Na de ware succesjaren van vader en zoon Paulssen in de jaren ’80 ging het vanaf 1989 duidelijk minder goed. Er wordt nog wel behoorlijk prijs gevlogen maar geen echte kopprijzen en echte toppers. Halverwege de jaren ’90 vond zoon André Paulssen dat er iets moest gebeuren. Hij vroeg zijn vader of hij zo wilde blijven presteren of dat hij toch weer een hoger niveau wilde zien te bereiken. Men opteerde voor het hogere niveau en men was het er over eens dat daarvoor zeker andere duiven moesten komen. En daarvoor toog men allereerst naar Nouwen-Paesen in het Belgische Grote-Brogel en wat later naar H. Wijnands en zoon (Maastricht) en J. Brouwers en zn (Grevenbicht).

 

Hoog niveau

 

In Roosteren is dit jaar op bepaalde onderdelen waarlijk ijzersterk gepresteerd. En het hoogtepunt was zonder meer de reeks op de nationale middaglossingen. Indrukwekkend hebben Pierre en André daarop gepakt met hun weduwnaars. Op St. Vincent begonnen ze met 7 prijzen van 12 gekorfde duiven en de 7e prijsduif was net niet 1 op 10 met 72, 209, 326, 576, 833, 1384 en 1724 tegen 16.763 duiven nationaal. Twee weduwnaars waarover ze twijfelden misten en werden uit de ploeg verwijderd. Op Mont de Marsan korfden ze 10 weduwnaars en wonnen ze 8 prijzen en de 8e prijsduif was juist net niet 1 op 10 met 4 echt vroege duiven. De prijzen 32, 102, 131, 169, 388, 700, 802 en 1254 werden tegen 11.367 duiven nationaal gepakt. En op Dax korfden ze 9 weduwnaars en pakten ze weer vier zulke vroege duiven en totaal 8 prijzen met 55, 100, 124, 160, 411, 990, 1556 en 1919 tegen 13.545 duiven. Op Mont de Marsan verspeelden ze trouwens hun oudste en meest constante prijsvlieger van de laatste jaren en wel de NL01-2212831 die op St. Vincent nog hun 4e duif was geweest. Met deze resultaten moet in de Nationale Fondspiegel natuurlijk buitengewoon hoog gescoord gaan worden! Voor het provinciale en nationale hokkampioenschap werd niet succesvol gescoord. Wel wat betreft vroege prijzen maar niet met de getekenden. Op St. Vincent misten de 1e en 2e duif van de lijst en toen was voor veel kampioenschappen een gooi naar de hoofdprijzen verkeken. En op St. Vincent kwam de NL02-1945945 voorop en hij vloog de 72e nationaal en in 2005 was hij ook de eerste duif en vloog de 98e nationaal tegen 16.515 duiven. In 2005 vloog de ‘945’ 3 op 3 op de nationale middaglossingen en dat deed hij ook in 2006 en hij was de 5e duif op Mont de Marsan en 6e duif op Dax. De weduwnaars voor de nationale middaglossingen zitten op twee afdelingen en op die afdelingen zitten op twee weduwnaars die afgelopen seizoen de kop op ZLU-vluchten hebben gevlogen. De ‘984’ van 2003 vloog de 40e Pau (2413 d.) en de ‘711’ van 2003 de 68e Dax (3.228 d.) na net van Pau gemist te hebben. Afsluitend won de ‘711’ nog de 124e nat. Dax en in 2005 scoorde hij al 3 op 3 op de nationale middaglossingen. Een echte topper dus!

In 2006 is ook met de ploeg jaarlingen heel sterk voor de dag gekomen. De jaarlingen (doffers en duivinnen op weduwschap gespeeld) werden gekorfd op de morgenlossingen van de afdeling. Op Bergerac pakten ze 18 van de 43 jaarlingen in de prijzen en op Cahors 18 van de 44. Op Bordeaux jaarlingen van de ZLU korfden ze 3 duiven en wonnen ze 2 prijzen. Over Bergerac en Cahors vervloog de afdeling Limburg een apart hokkampioenschap en vader en zoon Paulssen grepen daarover het 4e hokkampioenschap. De getekenden pakten ze knap: op Bergerac hun 1e en 3e duif en op Cahors hun 1e en 11e duif. Bij dat kampioenschap is het goud voor Winkens-Rothenburg (Itteren), het zilver voor Dennis Veugelers (Nieuwstadt) en het brons voor W. Kicken en zn (Simpelveld).

Vader en zoon Paulssen nemen trouwens aan alle grote-fondvluchten deel en ook aan een groot deel van de programma-vluchten. Op het eigen erf zit een omvangrijke kolonie. Bij aanvang van het seizoen beschikten ze over 120 vliegduiven. Zo’n 12 koppels werden op nest gespeeld en de anderen werden op weduwschap gespeeld en wel zo’n 40 duivinnen en zo’n 60 doffers. Op zo’n 10 afdelingen zijn ze gehuisvest en de overjarige nestduivinnen zijn op Barcelona gespeeld. Nationaal werden met 12 mee 4 prijzen gescoord en internationaal 5 prijzen. De NL03-1431794 was de beste met de 189e prijs nationaal Barcelona  (6.777 d.) en daarna scoorde ze nog de 269e Perpignan (4.719 d.)

 

Moeder de vrouw

 

Bij het verzorgen en begeleiden van de kolonie in Roosteren speelt moeder Lies Paulssen een belangrijke rol. Zij poest het meest de hokken en laat het meest de duiven uit. Vader Pierre (61) en zoon André (38) zijn chauffeur van beroep. Pierre is in vaste dienst bij de eigen afdeling Limburg en rijdt met de duivenwagens naar de inkorfpunten en de lossingsplaatsen en hij brengt de manden terug. Zoon André rijdt voor de firma Sevriens met kalkzandstenen en maakt lange dagen maar is elke avond weer thuis. Voorheen was hij internationaal chauffeur en veel dagen van huis en indertijd reed hij in het weekeinde ook met de duivenwagen van de afdeling. André is ook knap actief in de eigen vereniging de p.v. de Liefde in Echt. Zo is hij centrumleider voor de ZLU-vluchten bij de p.v. de Liefde. Verder is hij secretaris van de Fondclub Midden-Limburg. Pierre en André klokken op alle vluchten waaraan ze deelnemen en dat omdat André toch (bijna) altijd in het lokaal aanwezig moet zijn voor het clubwerk.

Op de grote-fondvluchten kan Pierre vanwege zijn chauffeurswerk niet altijd aanwezig zijn bij de aankomsten maar naar mogelijk wordt het werk zo verdeeld dat hij daar vaak wel de mogelijkheid voor heeft. Zo rijdt hij meestal de duiven van het noordelijke rayon die op zondag gelost worden. Om het voor moeder Lies makkelijker te maken om te zien op welke afdeling een duif thuishoort hebben de duiven op hun chipring een gekleurde strip en die is voor alle afdelingen verschillend. In 1967 zijn Pierre en Lies getrouwd en is Pierre vanuit Limbricht in Roosteren komen wonen. Op hun huidige woonstek stond het ouderlijk huis van Lies en die is later afgebroken toen een nieuwe woning werd gebouwd. In 1989 zijn de huidige stenen duivenverblijven gebouwd. Voordien stonden er veel verschillende houten hokken die veelal een verhoging hadden en gerenoveerd moesten worden. De huidige verblijven zijn heel ruim, hebben een voorpad en een hoog, naar voren aflopend dak met veel verluchting. De kweekploeg bij de familie Paulssen mag ook groot genoemd worden met 37 koppels en voor de dagfond zijn de laatste jaren nieuwe duiven aangeschaft. Bij zijn pensionering hoopt Pierre voor deze discipline ook een mooi ploegje te hebben. Zo werden er duiven van de gebr. Habets (Guttecoven) aangekocht op hun totale verkoop. En eentje daarvan is de vader van de NL05-1667862 die de 177e Bergerac (4.186 d.) en de 72e Cahors (4.925 d.) vloog In 2006 is ook een ploegje jongen duiven aangekocht bij Gert-Jan Beute in het Drentse Wilhelminaoord met het oog op de dagfond. Bij de selecie van de duiven varen Pierre en André op het eigen oordeel hoe een duif in de hand is en of hij of zij een goed model heeft. Een tweede pijler bij de selecie is het oordeel van Jos Evers uit Born die alle duiven op hun ogen keurt met de loupe. De jaarlingen had hij vooraf gekeurd en veel van de beteren op Bergerac en Cahors had hij aangestipt met beste of betere ogen.

 

Afkomst

 

Vijf weduwnaars hebben vader en zoon Paulssen met 3 op 3 op de nationale middaglossingen en de beste was de NL03-1431609 die nationaal de 833e St. Vincent, 32e Mont de Marsan en 411e Dax vloog.  Hij heeft een doffer van Nouwen-Paesen (Grote-Brogel) van 2002 als vader en een duivin van 2001 als moeder en zij stamt uit het eigen oude soort en duiven van A. Beunen (Ohé en Laak) waarin ook Paulssensoort zit. De voornoemde ‘862’ van 2005 heeft een duivin van 2001 van Hendriks-Meijberg (Heerlen) als moeder en zij is ook de moeder van de NL03-1431707 die nationaal de 1384e St. Vincent, 131e Mont de Marsan en de 100e Dax vloog. De Hendriks-Meijbergduivin werd gekweekt uit twee Florizooneduiven die in het Belgische Nieuwpoort werden geboren. De vader van de ‘707’ van 2003 is ook van Hendriks-Meijbergorigine en werd ook uit twee Florizooneduiven gekweekt.

In de NL02-1945945 zit nog hoofdzakelijk het ‘oude’ soort van Pierre en André. De NL83-2133694 is zo een keer de grootvader en twee keer de overgrootvader van de ‘945’. De ‘94’ is 21 jaar oud geworden en vloog in het topjaar 1986 de 6e nat. St. Vincent en de 88e nat. Dax. Hij werd gekweekt uit een doffer uit de kruising Lambrechts x Simons en een duivin van G. Dolleweerd.  In de ‘945’ zit ook wat nieuw soort en wel van Nouwen-Paesen. De ‘94’ van 1983 werd in 2001 gekoppeld aan een eigen dochter uit een Nouwen-Paesenduivin en dat leverde de moeder van de ‘945’ op.

Een topper is de laatste twee jaar zeker ook de NL03-1431783. In 2005 vloog hij de 17e Bordeaux (8.952 d.), 36e Montauban (4.819 d.) en 442e Dax (5.034 d.). In 2006 vloog hij nationaal de 700e Mont de Marsan en 55e Dax. In deze doffer zit nog iets van het rappe soort van de vader en de moeder van Pierre die in de jaren ’80 in Buchten meevlogen onder de naam mevr. Paulussen en met het soort van Willy Dohmen (Höngen D.) heel goed voor de dag kwamen. Een jongere uitblinker is de NL04-1111775 in 2006 geweest en deze doffer vloog de 41e Montauban (6.296 d.) en de 12e Carcassonne (3.167 d.) Hij stamt uit een doffer van 2003 van J. Brouwers en zoon en die kweekten hem uit soort van gebr. Derickx (Wessem) en ‘Lucky Luc’ en zijn nestzus van Luc Sioen uit Moorslede (B.). De moeder van de ‘783’ is een duivin van 2003 van vader en zoon Wijnands uit Maastricht en haar vader is de ‘Theelen 586’ van J. Brouwers en zoon gekoppeld aan een dochter van hun ‘Perpignan’. De NL03-1431685 scoorde 3 op 3 in 2006 op de nationale middaglossingen en vloog in 2005 prijs van Bergerac en Perpigan. Zijn vader is een zoon van de ‘94’ van 1983 gekoppeld aan een Theelenduivin van A. Fanselow (St. Odiliënberg) Zijn moeder is een dochter van de Narbonne van Nouwen-Paesen. De ‘612’ van 2003 haalde in 2006 prijs van Mont de Marsan en Dax en in 2005 van Bordeaux en Montauban. Zijn moeder werd uit twee duiven van Christ Nouwen (Meeuwen B.) gekweekt en zijn moeder is een zus van de vader van voornoemde ‘783’ van 2003. In hen zit het oude soort, iets van Nouwen-Paesen, iets van Fr. Wackers (Susteren) en iets van J. Paas (Munstergeleen). .

De vliegers werden bij de familie Paulssen begin maart gekoppeld en dit jaar zijn er jongen van de vliegers grootgebracht en wel van de succesvolle vliegers op de middaglossingen. De meeste jongen kwamen van kwekers en op de natour is de hele ploeg gespeeld. Met zo’n 118 jongen begon ze de eerste natourvlucht en op Sezanne (24-9) korfden ze nog 110 jongen en naar weinig veren of een halve staart werd niet gekeken. En dat terwijl er genoeg klachten over verliezen in de regio waren kende men in Roosteren amper verliezen met de jonge duiven. Voor medische zaken wendt men zich tot dierenarts Vincent Schröder in het Belgische Hoeselt om de duiven te laten nakijken en dat gebeurt ook geregeld in het vliegseizoen. Verder worden er producten van Belgica-de Weerd gebruikt. Veel oude duivensportpapieren van vroeger is André Paulssen kwijtgeraakt bij de overstromingen van 1993 en 1995 toen het huis en erf onder water kwamen te staan en de kelder volliep alwaar de papieren lagen opgeslagen.

 

Tekst en foto’s: Ad van Gils